Brochure Kvk biedt handvatten internetwinkels

Foto:

Eind april presenteerde de Kamer van Koophandel (KvK) een brochure over de bestemming van internetwinkels. Gemeenten kunnen het als leidraad gebruiken in hun beleid voor de fysieke vestigingen van
webshops.Volgens de KvK weten gemeenten vaak niet waar internetondernemers  hun
bedrijf in de gemeente kunnen vestigen. De gemeenten weten dan niet
welke bestemming er aan een vestigingslocatie van een webshop moet
worden gegeven.

Wat bij webwinkels speelt is of het om
detailhandel gaat (men kan de goederen ophalen en afrekenen waardoor het
een traditionele winkel betreft), of om een winkel waar men alleen via
internet kan bestellen en wel of niet de goederen kan afhalen.

Wanneer
een webwinkel zich in een winkelcentrum wilt vestigen en alleen via
internet wilt verkopen kan dit niet omdat een winkelcentrum voor
detailhandel bedoelt is. De winkel kan zich dan wel op een
bedrijventerrein vestigen(*). Wilt deze winkel echter alleen via
internet verkopen maar ook de mogelijkheid bieden om de goederen af te
laten halen,  dan mag het zich óók niet op het bedrijventerrein
vestigen. Een bedrijventerrein is namlijk niet bedoeld voor
consumentenverkeer.

De situatie is dan dat de winkel niet binnen
het bestemmingsplan valt; het is geen echte winkel en hoort niet in een
winkelcentrum maar er komen wel consumenten bij je vestiging dus hoort het
niet op een bedrijventerrein.

In de brochure
gaat de KvK alleen in op de verkoop via internet aan consumenten en
niet tussen bedrijven onderling.  Verder biedt het gemeenten aan de hand
van rechterlijke uitspraken en praktijkvoorbeelden handvatten om te
beslissen over welke plek een webshop krijgt in het bestemmingsplan. Zo
worden internetwinkels opgedeeld in diverse categorieën:
– internetwinkels die te bezoeken zijn om goederen af te halen
– internetwinkels die ook als winkel te bezoeken zijn en
– internetwinkels die niet bezocht kunnen worden (met/zonder een opslagruimte).

(*)
In december 2011 is door de Rechtbank ‘s-Hertogenbosch een uitspraak
gedaan die tot veel beroering heeft geleid. Het betrof een webwinkel in
drank die gevestigd was op een bedrijventerrein in Schijndel. De
gemeente zei tijdens de zitting dat uit niets was op te maken dat ter
plaatse een webwinkel haar bedrijf voert. Er was geen sprake van fysiek
contact tussen klant en verkoper, geen uitstallingen, geen etalages en
geen verkeersbewegingen van klanten. Toch is de rechter van mening dat,
nu orders ter plaatse verzameld worden en voor verzending gereedgemaakt
en de betalingen aldaar gecontroleerd worden, er sprake is van
detailhandel. Omdat er op het betreffende pand een bedrijfsbestemming
lag, was er strijd met het bestemmingsplan.