Geen extra verhoging woonforensenbelasting

Foto:

De BelangenVereniging Vrij Wonen (BVVW) en de Nederlandse Vereniging van Recreatieve Makelaars (NVRM) vragen in een brief aan de gemeente om aandacht voor de benarde situatie waar veel bezitters van recreatiewoningen in zitten. Ze vrezen nog grotere problemen als gemeenten de forensenbelasting verhogen. De gemeente Beuningen zegt niet meer dan de gebruikelijke 1,5% verhoging toe te passen.Gemeenten krijgen geld van het rijk onder meer op basis van het aantal huizen. Sinds dit jaar worden recreatiewoningen niet meer meegeteld als huizen. Met name gemeenten waar veel recreatiewoningen staan, ontvangen daardoor veel minder geld van het Rijk.

De twee verenigingen stellen dat veel gemeenten door deze verminderde inkomsten en de crisis besluiten om de inkomsten te compenseren door belastingverhogingen. Zij vragen gemeenten in de brief om vooral niet de woonforensenbelasting te verhogen omdat deze verhoging weer met een boemerangeffect bij de gemeenten terecht zou kunnen komen.

‘Veel eigenaren van recreatiewoningen zijn door de onverkoopbaarheid op dit moment al gevangenen van hun eigen recreatiewoning’, staat in de brief. Elke lastenverhoging zal alleen maar negatief op de verkoopbaarheid hebben aldus de verenigingen. Zij schetsen de situatie waarbij woningeigenaren de lasten niet meer kunnen dragen, de woning met een restschuld verkopen en zelfs persoonlijk failliet gaan. Komt men in de schuldsanering dan is het de gemeente die financiële ondersteuning moet bieden. Het beoogde effect van de inkomsten middels de woonforensbelasting wordt daarmee teniet gedaan stellen BVVW en NVRM.

De gemeente Beuningen geeft in reactie aan geen voornemen te hebben tot verhoging van genoemde belasting. “De forensenbelasting en de toeristenbelasting worden jaarlijks verhoogd met 1,5%. Deze stijging is bedoeld om de opbrengststijging gelijk op te laten gaan met de jaarlijkse inflatie. In de kaderbrief bij de begroting 2014 is aangegeven dat deze beide belastingen in 2014 ook weer met 1,5% worden verhoogd. Dit is niet verder dan het gebruikelijke percentage van 1,5%.”