Tarieven verkeersboetes 2019

11 jan 2019, 11:27 Nieuws
politie 715x408 915x518
Politie

De tarieven voor verkeersboetes in 2019 zijn gestegen. De stijging volgt de inflatiecorrectie van 1,7 procent. De bedragen voor snelheidsboetes liggen dit jaar 1 tot 7 euro hoger. Hieronder een overzicht.

Algemeen

  • Als de bestuurder tijdens het rijden een mobiele telefoon vasthoudt: 240 euro
  • Het niet plaatsen van een gevarendriehoek bij een stilstaand motorvoertuig terwijl geen knipperend waarschuwingslicht wordt gevoerd – 140 euro
  • Geen autogordel dragen – 140 euro
  • Door rood rijden – 240 euro
  • Niet rijden bij een groen verkeerslicht – 140 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood knipperlicht bij overweglichten – 240 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood (knipper)licht bij bruglichten – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig, als bromfietser of snorfietser onnodig geluid veroorzaken met dat voertuig – 380 euro

Verlichting

  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht binnen de bebouwde kom: 95 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht buiten de bebouwde kom: 140 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij slecht zich overdag: 140 euro
  • Het hinderen van tegenliggers door groot licht: 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht buiten de bebouwde kom: 95 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht binnen de bebouwde kom: 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij dag bij slecht zicht: 140 euro
  • Onnodig mistlicht voeren: 95 euro

Verkeersregels

  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een autoweg of autosnelweg – 140 euro
  • Als bestuurder van een voertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een andere weg dan autoweg of autosnelweg – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door te rijden over het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 140 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door stil te staan op het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 95 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig een met een doorgetrokken streep gemarkeerde fietsstrook gebruiken – 140 euro
  • Als bestuurder niet links inhalen – 240 euro
  • Als bestuurder een kruispunt blokkeren – 240 euro
  • Als bestuurder op een kruispunt geen voorrang verlenen aan bestuurders van rechts – 240 euro
  • Als bestuurder op een onverharde weg geen voorrang verlenen aan bestuurders op een verharde weg – 240 euro
  • Als bestuurder geen voorrang verlenen aan bestuurders van een tram – 240 euro
  • Als weggebruiker een overweg opgaan, terwijl men niet direct kan doorgaan en de overweg niet geheel vrij kan maken – 240 euro
  • Als weggebruiker een militaire kolonne doorsnijden – 95 euro
  • Als weggebruiker een uitvaartstoet van motorvoertuigen doorsnijden – 95 euro
  • Als bestuurder afslaan zonder een teken met de richtingaanwijzer of met de arm te geven – 95 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat hem op dezelfde weg tegemoet komt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel links dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel rechts dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder links afslaan zonder tegemoetkomende bestuurders die op hetzelfde kruispunt rechts afslaan, voor te laten gaan – 240 euro
  • Een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg gevaar wordt/kan worden veroorzaakt, dan wel het verkeer wordt/kan worden gehinderd – 140 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een kruispunt – 140 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een fietsstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op de rijbaan langs de fietsstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan in een tunnel – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan bij een bord bushalte ter hoogte van de geblokte markering – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan bij een bord bushalte op een afstand van minder dan twaalf meter van dat bord terwijl de geblokte markering niet is aangebracht – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op de rijbaan langs een busstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan langs een gele doorgetrokken streep – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een overweg – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig dubbel parkeren – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig parkeren in een parkeerschijfzone – 95 euro
  • Als bestuurder op een gehandicaptenparkeerplaats parkeren anders dan met een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin duidelijk zichtbaar is aangebracht een geldige gehandicaptenparkeerkaart – 380 euro
  • Onnodig de berm gebruiken zonder dat er sprake is van een noodgeval – 140 euro
  • Buiten noodzaak stilstaan op de vluchtstrook of vluchthaven – 240 euro

Bijzondere manoeuvres

  • Als bestuurder wegrijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder achteruitrijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder uit een uitrit de weg oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder vanaf een weg een inrit oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder keren zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van rijstrook wisselen zonder het overige verkeer voor te laten gaan – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig of als bromfietser bij het wegrijden geen teken met de richtingaanwijzer of arm geven – 95 euro

Rijbewijzen

  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het kentekenbewijs niet behoorlijk leesbaar is – 45 euro
  • Het kenteken niet behoorlijk zichtbaar aanwezig hebben op of aan een motorrijtuig – 140 euro
  • Het kenteken niet behoorlijk zichtbaar aanwezig hebben op of aan een aanhangwagen – 140 euro
  • Voor een kentekenplichtig motorrijtuig met een toegestane maximummassa van 3500 kg of minder is geen keuringsbewijs afgegeven – 140 euro
  • voor een kentekenplichtig motorrijtuig met een toegestane maximummassa van 3500 kg of minder heeft het keuringsbewijs zijn geldigheid
    verloren – 140 euro
  • Voor een kentekenplichtig motorrijtuig of aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg – is geen keuringsbewijs afgegeven – 400 euro
  • Voor een kentekenplichtig motorrijtuig of aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg heeft het keuringsbewijs zijn geldigheid verloren – 400 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs niet voldoet aan de gestelde eisen – 45 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs niet behoorlijk leesbaar is – 95 euro
  • Als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, waarbij de geldigheidsduur één jaar of minder is verstreken – 95 euro

Snelheidsoverschrijdingen

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom

Met 4 km/u – 27 euro

Met 5 km/u – 34 euro

Met 6 km/u – 40 euro

Met 7 km/u – 48 euro

Met 8 km/u – 54 euro

Met 9 km/u – 63 euro

Met 10 km/u – 72 euro

Met 11 km/u – 95 euro

Met 12 km/u – 105 euro

Met 13 km/u – 115 euro

Met 14 km/u – 123 euro

Met 15 km/u – 133 euro

Met 16 km/u – 144 euro

Met 17 km/u – 153 euro

Met 18 km/u – 165 euro

Met 19 km/u – 176 euro

Met 20 km/u – 191 euro

Met 21 km/u – 203 euro

Met 22 km/u – 215 euro

Met 23 km/u – 229 euro

Met 24 km/u – 241 euro

Met 25 km/u – 256 euro

Met 26 km/u – 270 euro

Met 27 km/u – 287 euro

Met 28 km/u – 304 euro

Met 29 km/u – 317 euro

Met 30 km/u – 334 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (bij bord A1: 30 km/u) of binnen een erf of bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 46 euro

Met 5 km/u – 54 euro

Met 6 km/u – 63 euro

Met 7 km/u – 75 euro

Met 8 km/u – 85 euro

Met 9 km/u – 95 euro

Met 10 km/u – 107 euro

Met 11 km/u – 133 euro

Met 12 km/u – 146 euro

Met 13 km/u – 158 euro

Met 14 km/u – 170 euro

Met 15 km/u – 185 euro

Met 16 km/u – 195 euro

Met 17 km/u – 209 euro

Met 18 km/u – 223 euro

Met 19 km/u – 241 euro

Met 20 km/u – 257 euro

Met 21 km/u – 270 euro

Met 22 km/u – 283 euro

Met 23 km/u – 302 euro

Met 24 km/u – 319 euro

Met 25 km/u – 337 euro

Met 26 km/u – 356 euro

Met 27 km/u – 375 euro

Met 28 km/u – 394 euro

Met 29 km/u – 412 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom

Met 4 km/u – 24 euro

Met 5 km/u – 32 euro

Met 6 km/u – 37 euro

Met 7 km/u – 43 euro

Met 8 km/u – 50 euro

Met 9 km/u – 57 euro

Met 10 km/u – 67 euro

Met 11 km/u – 90 euro

Met 12 km/u – 100 euro

Met 13 km/u – 110 euro

Met 14 km/u – 117 euro

Met 15 km/u – 129 euro

Met 16 km/u – 137 euro

Met 17 km/u – 147 euro

Met 18 km/u – 157 euro

Met 19 km/u – 170 euro

Met 20 km/u – 183 euro

Met 21 km/u – 191 euro

Met 22 km/u – 203 euro

Met 23 km/u – 215 euro

Met 24 km/u – 229 euro

Met 25 km/u – 241 euro

Met 26 km/u – 256 euro

Met 27 km/u – 269 euro

Met 28 km/u – 283 euro

Met 29 km/u – 300 euro

Met 30 km/u – 317 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 37 euro

Met 5 km/u – 45 euro

Met 6 km/u – 53 euro

Met 7 km/u – 63 euro

Met 8 km/u – 73 euro

Met 9 km/u – 79 euro

Met 10 km/u – 90 euro

Met 11 km/u – 113 euro

Met 12 km/u – 121 euro

Met 13 km/u – 133 euro

Met 14 km/u – 147 euro

Met 15 km/u – 158 euro

Met 16 km/u – 173 euro

Met 17 km/u – 187 euro

Met 18 km/u – 198 euro

Met 19 km/u – 211 euro

Met 20 km/u – 223 euro

Met 21 km/u – 241 euro

Met 22 km/u – 256 euro

Met 23 km/u – 265 euro

Met 24 km/u – 283 euro

Met 25 km/u – 300 euro

Met 26 km/u – 316 euro

Met 27 km/u – 334 euro

Met 28 km/u – 349 euro

Met 29 km/u – 370 euro

Met 30 km/u – 384 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom

Met 1 km/u – 11 euro

Met 2 km/u – 16 euro

Met 3 km/u – 20 euro

Met 4 km/u – 24 euro

Met 5 km/u – 31 euro

Met 6 km/u – 37 euro

Met 7 km/u – 43 euro

Met 8 km/u – 49 euro

Met 9 km/u – 55 euro

Met 10 km/u – 63 euro

Met 11 km/u – 86 euro

Met 12 km/u – 93 euro

Met 13 km/u – 100 euro

Met 14 km/u – 107 euro

Met 15 km/u – 118 euro

Met 16 km/u – 128 euro

Met 17 km/u – 137 euro

Met 18 km/u – 147 euro

Met 19 km/u – 158 euro

Met 20 km/u – 170 euro

Met 21 km/u – 181 euro

Met 22 km/u – 191 euro

Met 23 km/u – 203 euro

Met 24 km/u – 215 euro

Met 25 km/u – 223 euro

Met 26 km/u – 234 euro

Met 27 km/u – 246 euro

Met 28 km/u – 257 euro

Met 29 km/u – 270 euro

Met 30 km/u – 284 euro

Met 31 km/u – 292 euro

Met 32 km/u – 304 euro

Met 33 km/u – 323 euro

Met 34 km/u – 339 euro

Met 35 km/u – 348 euro

Met 36 km/u – 367 euro

Met 37 km/u – 384 euro

Met 38 km/u – 396 euro

Met 39 km/u – 419 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 32 euro

Met 5 km/u – 39 euro

Met 6 km/u – 49 euro

Met 7 km/u – 59 euro

Met 8 km/u – 67 euro

Met 9 km/u – 75 euro

Met 10 km/u – 86 euro

Met 11 km/u – 110 euro

Met 12 km/u – 121 euro

Met 13 km/u – 131 euro

Met 14 km/u – 139 euro

Met 15 km/u – 151 euro

Met 16 km/u – 163 euro

Met 17 km/u – 176 euro

Met 18 km/u – 191 euro

Met 19 km/u – 203 euro

Met 20 km/u – 215 euro

Met 21 km/u – 229 euro

Met 22 km/u – 241 euro

Met 23 km/u – 256 euro

Met 24 km/u – 270 euro

Met 25 km/u – 283 euro

Met 26 km/u – 302 euro

Met 27 km/u – 319 euro

Met 28 km/u – 334 euro

Met 29 km/u – 349 euro

Bron: AutoRai